Kars van de Boogaard
Kars van de Boogaard

Hard trainen maar toch een relaxed leven

Actueel 491 keer gelezen

Zoetermeer- - Het wereldkampioenschap Jiu-Jitsu (:een vechtsport dat lijkt op een combinatie van karate en judo) 2022 in de gewichtsklasse minus 62 kilogram is gewonnen door Kars van den Boogaard. De 20-jarige Jiu-Jitsuka is opgegroeid in Zoetermeer en beoefent al sinds zijn zesde judo en vanaf zijn twaalfde Jiu-Jitsu bij de Zoetermeerse budoschool Yotosama. In tegenstelling tot veel andere topsporters leeft hij een heel relaxed leven.

Door Thijme van der Burgh

Hoe ziet een normale dag ervoor jou uit?
“Als ik geen school heb word ik rond elf uur ‘s ochtends wakker. Dan werk ik aan school. Dat duurt niet heel lang. De rest van de dag heb ik dan vrij, dus dan doe ik wat ik wil. Ik ga naar de sportschool of ik spreek met vrienden af. In de avond ga ik rond een uurtje of zeven trainen. Daarvoor of daarna eet ik nog iets, dat hangt een beetje af van hoe de dag loopt. Na het eten hangt het er vanaf hoe moe ik ben van de training, als ik heel moe ben ga ik direct naar bed en anders spreek ik weer met vrienden af.”

Bij veel mensen brengt topsport structuur in hun leven. Tenzij de structuur is om 11 uur je bed uitkomen doet dat het niet bij jou.
“Nee, dat doet het niet haha. Wanneer ik naar teamgenoten kijk dan zie ik ook hoe zij vaste momenten hebben waarop zij alles doen, dat heb ik echt niet. Ik weet wanneer ik school heb en wanneer ik moet trainen, maar dat is het. Soms denk ik ook: moet ik dat ook gaan doen? Maar het gaat heel goed, dus dan ga ik gewoon door met wat ik doe. Ik heb ook voldoende vrije tijd om die keuzes te kunnen maken. Ik heb geen agenda vol gepland met dingen die ik moet doen, ik heb dat geprobeerd maar dat vind ik echt niet fijn.”

Op instagram presenteer je jezelf erg laks. Het grappigste onderschrift bij een foto vond ikzelf: ‘’ik vond het afgelopen jaar zo leuk om derde te worden, ik heb besloten het nog een keer te doen’’. 
“Ik vind het grappig om het eruit te laten zien of het me niks doet, maar dat is niet zo. Ik heb hier jaren naartoe gewerkt. Ik train vier dagen per week intensief op de mat, daarnaast ga ik nog een aantal keer per week naar de sportschool en moet ik ervoor zorgen dat ik niet te veel weeg. Het is echt hard werken.”

Normaliter zou ik deze vraag niet stellen aan een topsporter - en de lezers weten dit niet - maar ik heb met jou getraind en ik weet nog hoe kalm je was tijdens wedstrijden. Bij deze: ervaar je spanning tijdens toernooien?
“Tijdens EK’s en Wk’s wel. Tijdens kleine toernooien niet meer. Daar ben ik super arrogant, daar loop ik rond met de gedachte: ik ben wereldkampioen, ik win dit wel. Dat is echt niet goed en daar ben ik me van bewust. “

Klopt jouw gevoel van grootheidswaanzin tot nu toe altijd?
“Tot nu toe helaas wel haha. Ik moet binnenkort eens een beginneling tegenkomen op een klein toernooi die me even wat nederiger maakt.”

Hoe zou je jouw spel omschrijven?
“Heel tactisch. Ik pas me elke wedstrijd aan op mijn tegenstander, waardoor ik niet heel voorspelbaar ben. Wanneer ik tegenover iemand sta die heel goed kan trappen, en eigenlijk alleen dat wil doen, draai ik hier zoveel mogelijk omheen. Bij veel andere jit-jitsuka’s zie je dat het niet lukt om hier een oplossing voor te vinden, maar mijn trainer leert ons hoe we met dit soort situaties moeten omgaan, dan we weten hoe we de sterkste punten van onze tegenstanders kunnen neutraliseren.”

Geniet je ervan om op dit niveau te sporten?
“Zeker. Ik heb wel steeds meer blessures. Dat is jammer, daarom moet ik ook iets meer rust nemen. Ik kan niet meer elk weekend op de mat staan. Er is iets meer druk bij gekomen, omdat het niveau hoger is.”

Uit de krant