
Boorvliegjes
Actueel 1.017 keer gelezenZoetermeer – In deze rubriek schrijven kenners over de natuur in Zoetermeer. Deze week een bijdrage van insectenliefhebber en IVN-lid Rob Schouten.
U heeft ze vast wel eens gezien: een heel klein vliegje met een vleugellengte van 2 tot 6 millimeter. Klein, maar wel mooi, met prachtige vleugeltekeningen: patronen van druppelvlekjes, fraai getekende banden of zigzagstrepen. Het is de boorvlieg. Daar zijn er in Nederland inmiddels 83 soorten van ontdekt, meestal herkenbaar aan hun vleugeltjes.
Opvallend is dat ze met die mooie vleugeltjes vaak wapperen. Dat is een paringsritueel; mannetjes hopen zo vrouwtjes te lokken.
De vliegen heten boorvliegen omdat de vrouwtjes aan hun achterlijf een stevige, lange legboor hebben, waarmee ze eitjes afzetten in plantendelen, zoals een bloemknop of vruchten. Sommige soorten hebben slechts één specifieke waardplant waar ze hun eitjes op leggen, andere zijn niet zo kieskeurig. Meestal zijn die planten composieten, zoals distelsoorten, kruiskruid, bertram, bijvoet en biggenkruid. Daarin ontwikkelen ze zich tot larve, pop en uiteindelijk volwassen boorvlieg. Als volwassen vlieg leven ze van plantensappen en bedorven fruit. Een klein deel van de boorvliegen leeft in de commerciële fruitteelt. Het zal duidelijk zijn dat ze daar niet gewenst zijn! Ze kunnen behoorlijke schade aanrichten. Een voorbeeld is de Europese kersenboorvlieg (zie foto), die in mijn tuin rondvloog. Die is maar 5 mm. groot, maar wel een plaaggeest voor kersentelers, die heel wat schade kan veroorzaken. De larve vreet zich langzaam door het vruchtvlees tot aan de pit, verlaat daarna de kers en verpopt zich in de grond. Vanaf mei kan het volwassen vliegje worden gezien.
Ook de grote schermboorvlieg vloog in mijn tuin rond. De naam zegt het al: de larven van deze vlieg eten van de bladeren en maken een soort mijngangetjes in vooral schermbloemen zoals de berenklauw en pastinaak.













