
Zoetermeerder raakt sociale huurwoning kwijt, hoger beroep loopt
Actueel 140 keer gelezenZoetermeer – Zoetermeerder S. is vorige week zijn sociale huurwoning kwijtgeraakt na een conflict met woningcorporatie Stedelink. Volgens S. en zijn mantelzorger Wendy is onvoldoende rekening gehouden met zijn psychische kwetsbaarheid. Stedelink stelt dat de zaak zorgvuldig is onderzocht en door de rechter is beoordeeld. Tegen de uitspraak loopt hoger beroep. S., die kampt met PTSS, straatvrees en depressieve klachten, verblijft na de ontruiming tijdelijk bij zijn mantelzorger.
Door Mariëlle Mets
De kwestie draait om de vraag of bewoner S., die vanwege zijn privacy alleen met zijn voorletter in de krant wil, daadwerkelijk zijn hoofdverblijf had in de woning. Volgens S. en zijn mantelzorger ontstonden de vermoedens van woonfraude nadat buurtbewoners bij de woningcorporatie hadden gemeld dat zij S. nauwelijks zagen. S. vertelt dat hij al jarenlang psychische problemen heeft als gevolg van trauma’s uit zijn jeugd. Hij leidt daarom een teruggetrokken bestaan en komt weinig buiten. Volgens hem vormt zijn woning een veilige omgeving waarin hij zoveel mogelijk prikkels van buitenaf vermijdt. “Daar heb ik mijn rust. Daar heb ik mijn veiligheid. Zodra ik buiten stap, voel ik de dreiging weer. Het is één grote adrenalinebom,” zegt hij.
Zijn mantelzorger Wendy woont vlakbij S. en ondersteunt hem al jaren bij dagelijkse zaken. Volgens haar bracht S. in de betreffende periode veel tijd door bij haar thuis omdat zijzelf kampte met ernstige gezondheidsproblemen. Daarnaast ondersteunde S. volgens Wendy zowel haar als zijn eigen moeder, die beiden ook met gezondheidsproblemen kampten. Volgens Wendy zijn die omstandigheden later gebruikt als aanwijzing dat hij niet in zijn eigen woning woonde. “Wij hebben geprobeerd uit te leggen waarom hij vaak elders was, maar dat werd volgens ons onvoldoende meegenomen.”
Naast de discussie over het hoofdverblijf speelde ook de staat van de woning een rol. Volgens S. kampte de huurwoning jarenlang met verschillende gebreken, waaronder rioollucht, vochtproblemen en tocht. Hij zegt dat hierover meerdere meldingen zijn gedaan bij de corporatie. Naar eigen zeggen werden de verschillende problemen pas in de afgelopen periode aangepakt.
De zaak kwam uiteindelijk voor de rechter. Die oordeelde dat de huurovereenkomst mocht worden beëindigd en verklaarde het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Daardoor kon de woning worden ontruimd, ook al loopt er nog hoger beroep. De ontruiming vond vorige week plaats. Volgens Wendy is daarbij onvoldoende rekening gehouden met de persoonlijke gevolgen voor S. Zij wijst erop dat hij nauwelijks een sociaal vangnet heeft en dat zijn psychische klachten hem beperken in het opbouwen van sociale contacten.
Stedelink wil vanwege privacyredenen niet inhoudelijk ingaan op individuele dossiers. Wel laat de woningcorporatie weten dat een vermoeden van woonfraude nooit voldoende is voor verdere stappen. Volgens Stedelink wordt eerst zorgvuldig onderzoek gedaan en wordt een zaak pas aan de rechter voorgelegd wanneer het dossier daarvoor voldoende grond biedt. De corporatie benadrukt daarnaast dat persoonlijke omstandigheden worden meegewogen en dat een woningontruiming altijd als uiterste maatregel wordt gezien.
Terwijl het hoger beroep nog loopt, probeert S. uitzicht te krijgen op nieuwe woonruimte. Volgens Wendy raakte de gemeente Zoetermeer pas in een laat stadium betrokken bij de zaak. Nadat de rechter de ontbinding van de huurovereenkomst had uitgesproken, zou de gemeente volgens haar hebben aangegeven niet eerder over de dreigende woningontruiming te zijn geïnformeerd. Volgens Wendy beschouwt de gemeente de situatie van S. als schrijnend en onderzoekt men inmiddels de mogelijkheden voor vervangende huisvesting. Daarnaast loopt een aanvraag voor woonurgentie. Een concrete oplossing is er momenteel nog niet, waardoor S. voorlopig aangewezen is op tijdelijke opvang.













