
Canonvenster 1928 - Watertoren “De Tien Gemeenten”
Actueel 768 keer gelezenTweewekelijkse rubriek over de 50 vensters van de Zoetermeerse Canon. Deze 14e bijdrage is geschreven door Lex Biemans.
De drinkwatervoorziening in Nederland is nu bijna 175 jaar oud. In 1853 begon men namelijk in Amsterdam met een waterleiding d.m.v. een buizensysteem.
Cholera-epidemie noodzaakt drinkwaterplan
Pas als gevolg van de gevreesde cholera-epidemie die in 1865 ontzettend veel slachtoffers kon opeisen wegens het ontberen van schoon drinkwater, werd een staatscommissie benoemd die zich moest bezighouden met de ontwikkeling van een schoonwater voorziening in Nederland. Door continue geldgebrek ging er echter veel tijd verloren voordat er een werkbaar watervoorzieningsplan gepresenteerd kon worden. Pas in 1873 kregen de steden Rotterdam en Den Haag als eerste een eigen waterleiding. In 1923 werd een commissie benoemd uit de raden van de gemeenten Zegwaart en Zoetermeer om te proberen het vraagstuk van een drinkwatervoorziening ook hier op te lossen. Deze commissie benaderde toen Prof. Ir. Chr. Visser, hoogleraar aan de TU Delft, die zich bereid verklaarde dit vraagstuk in behandeling te willen nemen. Hij diende daarna meerdere plannen in maar het plan waarbij de gemeenten Benthuizen, Zoetermeer, Zegwaart, Bleiswijk, Moerkapelle, Zevenhuizen, Bergschenhoek, Berkel en Rodenrijs, Pijnacker en Nootdorp betrokken werden, verdiende verreweg de voorkeur. Het was aanvankelijk de bedoeling om het water te betrekken van het waterleidingbedrijf van de gemeente Boskoop maar de grote afstand waar langs het water zou moeten worden aangevoerd (helemaal vanaf de winplaats langs de Oude Rijn in Hazerswoude) was een groot bezwaar. Daarom werd uitgeweken naar de gemeente Wassenaar dat al plannen had voor het oprichten van een drinkwaterleiding.
Waterleidingbedrijf “De Tien Gemeenten”
In maart 1926 werd het plan officieel ingediend bij de betrokken gemeenten, goedgekeurd en vervolgens tot uitvoering gebracht. De stichting “De Tien Gemeenten” werd opgericht en op 21 november 1928 kwamen de burgemeesters van de tien gemeenten samen in Café “De Jonge Prins” in de Dorpstraat van Zegwaart, en werd de drinkwaterleiding officieel in gebruik genomen door de toenmalige Commissaris van de Koningin, Jhr. mr. dr. H.A. van Karnebeek, met de woorden “Het grote vraagstuk, de drinkwatervoorziening voor Midden-Zuidholland, is nu opgelost” . Hij opende daarna namens de Stichting Drinkwaterleiding “De Tien Gemeenten” de watertoren aan de stationsstraat in Zegwaart. De watertoren, ontworpen door de architect C. Visser en gebouwd door aannemer Delft/Schaeffer & Co te Duisburg (D) , stond centraal in het waterleidingstelsel. De toren werd een massief van baksteen met achtkantige muren waarvoor 324 palen van 14 meter lengte moesten worden geslagen, waarop een fundering van 2,5 meter werd gestort. De uiteindelijke hoogte werd 45 meter en de doorsnee 10,25 meter. In de volksmond kreeg de watertoren de naam “Peperbus”. Ter versiering werden betonranden in het metselwerk en kleine langwerpige ramen aangebracht. Bovenin werd het waterreservoir gebouwd en dat was aan de buitenkant goed te zien want hier gaat de achtkant over in een zestienkant. Onder het reservoir is toren vrijwel leeg. Een ijzeren trap van 140 treden bracht je langs een smalle ijzeren buis naar boven tot vlak onder de betonnen waterbak die een capaciteit had van een half miljoen liter water dat er voor moest zorgen dat er altijd tenminste 4 tot 5 atmosfeer druk stond op de leidingen. ’s Nachts werd de toren volgepompt, zodat die overdag langzaam kon leeglopen.
Gedenksteen voor dodelijk slachtoffer
Rond de ingang zijn de wapens van de tien gemeenten die aangesloten waren bij het drinkwaterbedrijf aangebracht, aangevuld met de wapens van Zuid-Holland en Wassenaar uit welke gemeente het duinwater kwam. Oorspronkelijk stonden aan weerszijden van de trap voor de ingang ook de wapens van Veur en Stompwijk dat later is opgegaan in de gemeente Leidschendam. Maar na de ophoging van het terrein in 1994 is die trap verwijderd. Nu dienen natuurstenen platen voor de ingang als vervanging van de trap en zijn de beide wapens in liggende vorm teruggeplaatst. In 1995 is het terrein rond de toren in radiaal vorm bestraat waarbij iedere straal In de richting van de gemeenten wijst die bij het waterleidingsbedrijf waren aangesloten. De gevelsteen boven de deur vermeldt het bouwjaar 1927 en binnen loopt dus die ijzeren trap tot aan de lekvloer van het reservoir. Via een smalle schacht dwars door het reservoir kon de koepelkamer bovenin worden bereikt, vanwaar men een prachtig uitzicht heeft over Zoetermeer en de wijk Rokkeveen. Helaas heeft de toren aan één arbeider, Alexander Hoffmann, het leven gekost want tijdens de bouw stortte hij naar beneden en overleed aan zijn verwondingen. Een gedenksteen in de toren herinnert ons nog aan deze tragische gebeurtenis. De watertoren bleef tot de jaren 90 in gebruik. Het blijft voor altijd een herkenningspunt in de wijk Rokkeveen op de rand van het Hoekstrapark. Na vele jaren van verloedering zijn nu bouwvakkers aan het werk om er een B&B met 12 kamers en ontbijtzaal in de koepel van te maken.
Een miniatuurversie van de watertoren in zijn oorspronkelijk uitvoering is nog steeds te bewonderen in Madurodam.













