
Column: Tolerantie
Actueel 72 keer gelezenHet lijkt soms wel of geen enkel initiatief in de stad het nog goed kan doen. Als het Stadshart uitgebreid Halloween viert, dan zijn er meteen mensen die dit “een feest des doods” noemen.
En als op Historisch Zoetermeer het riddertoernooi duizenden mensen trekt, gaat het online over hoe zielig het voor de paarden zou zijn.
Ook deze week was het raak. Zoetermeerders kunnen een regenboogvlag ophalen bij de gemeente om rondom Coming Out-dag op te hangen om steun te betuigen aan mensen uit de LHBTIQ-gemeenschap. Is dat nodig? Lees de commentaren online eens. De tolerantie tegenover LHBTIQ-mensen neemt overduidelijk af in Nederland. Zelfs sommige raadsleden vragen zich openlijk af of dit nou wel echt zo nodig is.
De meest gelezen kreet? “Ik vind alles best, maar het moet me niet zo door de strot geduwd worden”. Ik vind dat een rare reactie. In Nederland wordt eigenlijk maar één ding echt door je strot geduwd en dat is Kerstmis. Vanaf begin oktober al is ieder tuincentrum een kerstmarkt. Een maand later klinkt in werkelijk iedere een winkel “Last Christmas”.
En als werkgever moet ik mijn personeel verplicht vrij geven op 25 december. Dus als je je voelt als Ebener Scrooge, dan mag je terecht klagen dat er iets door je strot geduwd wordt.
Maar regenboogvlaggen? Ze worden aangeboden, je mag ze ophalen, maar het hoeft niet. En zie je er één? Dan loop je er gewoon onderdoor, zonder dat er iets in je leven verandert. Je wordt tenminste niet de volgende dag wakker met het liedje van Mariah Carey in je hoofd, zoals bij kerst.
Eigenlijk zeg je met “door de strot duwen”: ik vind het prima dat jij anders bent dan ik, maar ik wil er niets van merken. Dat is niet tolerant. Het is tolerantie als je zegt: ik vind het prima dat jij anders bent. Punt. En beiden ga je door met je eigen leven.
En een regenboogvlag ophangen? Daarmee zeg je toch niets anders dan: “Ik zie dat jij anders bent en dat jij het daardoor zwaarder hebt in deze maatschappij dan ik. En dat jij het zwaarder hebt, vind ik niet juist”. Niets meer, niet minder.













