
Natuur onder de loep
Actueel 851 keer gelezenZoetermeer - In deze rubriek schrijven kenners over de natuur in Zoetermeer. Deze week een bijdrage van insectenliefhebber en IVN-lid Rob Schouten, over een ingeburgerde Zuid-Europeaan.
Ingeburgerde sprinkhaan
U heeft, zeker als u een tuin(tje) heeft, vast wel eens de zuidelijke boomsprinkhaan gezien. Het is een van die insecten die vanuit het zuiden ons land hebben veroverd. In 1992 werd de eerste ontdekt, in Vlaardingen. Sindsdien worden ze overal in ons land gezien.
Nederland warmt op. Deze sprinkhaan voelt zich hier dus steeds meer thuis, zeker in steden, waar het meestal warmer is dan in het buitengebied. Daar zijn ze zijn dan ook vooral in tuinen en op muren te vinden. Ik vond er zelfs een op onze w.c., vermoedelijk via de ontluchtingspijp binnengekomen. Hoe komen ze hier in Nederland terecht? Ze hebben nauwelijks vleugels, dus vliegend lukt dat niet.
In Engeland en België werden de eerste exemplaren langs de autosnelweg ontdekt. Hier in Nederland vond iemand deze sprinkhaan op zijn voorruit: die had zich 60 kilometer lang aan die ruit vastgeklampt! Met 100 kilometer per uur. De kans is dus groot dat de zuidelijke boomsprinkhaan vanuit het zuiden met het vakantieverkeer is meegekomen en hier ook door het verkeer over Nederland is verspreid. Ze zijn nu volledig ingeburgerd en voelen zich in ons land thuis.
De zuidelijke boomsprinkhaan is een sabelsprinkhaan. Je herkent ze gemakkelijk aan de gele streep over de rug en de bruine vlek op het halsschild (zie foto). Ze zijn met name in de tweede helft van het jaar te zien, het meest in september en oktober. De mannetjes zijn 11 tot 13 mm. groot. De vrouwtjes zijn iets groter en leggen met hun legboor eitjes in de spleten van de schors van bomen. Ze eten vooral kleine, plantenetende insecten, zoals bladluizen. Het zijn dus ook nuttige beestjes.













