
Natuur onder de loep
Actueel 546 keer gelezenIn deze rubriek vandaag een bijdrage van bioloog Arno van Berge Henegouwen over dé meest voorkomende roofvogel in de stad die maar zelden gezien wordt.
Sperwer in de voortuin
Mijn vrouw riep mij met opgewonden stem: “Er zit een roofvogel in de voortuin.” Voorzichtig keek ik. Op de takkenbos, die ik vier meter voor de voordeur heb gemaakt om egels en andere zoogdieren bescherming te bieden, zat een sperwer te eten van een zojuist geslagen duif. Omdat het licht in de tuin om zeven uur al begint te tanen maakte ik met moeite door het glas van de woonkamer een paar foto’s. Na enige tijd kwamen de straateksters de vogel verjagen. Toen ik ging kijken, bleek de duif voor driekwart opgegeten. Ik besloot het kadaver te laten liggen.
Tot mijn grote verrassing riep mijn vrouw mij zondagmiddag weer. De sperwer was teruggekomen om het restant van zaterdag op te eten. Deze keer kon ik betere foto’s maken. Nu was met zekerheid vast te stellen, dat dit vrouwtje nog veel bruin heeft en lichte veerzomen op rug en vleugels. Een jaar terug uit het ei gekropen is zij nu aan het begin van haar tweede jaar. Na een poosje werd de vogel verstoord en vloog met de prooirest weg, mij met de nodige vragen achterlatend. Mijn hele leven ben ik ervan overtuigd geweest dat, wanneer je een sperwer stoort tijdens de maaltijd, deze niet meer terugkeert naar de prooi. Tijdens mijn lange vogelaarsbestaan heb ik talloze keren tijdens excursies verteld, dat een verstoorde roofvogel met prooi opnieuw op jacht moet en dat dat tot groot energieverlies leidt. Met rust laten was altijd mijn devies…
(Maar nu komt daar verandering in! Mijn vriend Leo Brosens uit Zundert berichtte mij vandaag, dat eerder ook in zijn tuin een sperwer een dag later terugkeerde om de rest op te eten. Mijn levenslange waarheid viel om als een kaartenhuis. …)













