'Ik moet mij nog bewijzen'

Nico Mos

Omdat het bij DSO op bestuurlijk niveau niet klikte (de vorige voorzitter Ben Tichem legde al na een maand zijn functie neer na aanvankelijk de tweestrijd om de voorzittershamer te hebben gewonnen van Pim Coenen , red.) is uiteindelijk op de algemene ledenvergadering in oktober jl. Ruud Meere als voorzitter gekozen. Gepokt en gemazzeld als voorzitter bij Wilhelmus in de jaren 90, is Ruud Meere (74), na een lange afwezigheid, weer terug in de voetbalwereld. Hoe hij bij DSO terecht kwam licht hij zelf toe.

Zoetermeer - "Ik ga het anders doen", zegt de kersverse voorzitter. "We gaan naar een driemansbestuur, die inmiddels bestaat uit: Reinier van Eijk penningmeester, Ernst Stierman secretaris en ik zelf en daaronder een hele brede laag commissies, zoals jeugd, technische commissie, kantine commissie en management. Kortom de jongens die het werk moeten doen. De lijnen zijn dan veel korter en dat heeft alleen maar voordelen."

Ruud Meere is gevraagd voor de voorzittersfunctie bij DSO. "Ik ben 74 jaar en dan denk je toch dat het klaar is", zegt Meere. "Bij DSO was er bestuurlijke onrust. Dat werd breed uitgemeten en door iedereen – ook door mij – in de gaten gehouden. Tot dat ik een telefoontje kreeg van Joop den Dulk die vroeg of ik bij DSO zou willen komen praten. Dat gesprek met de informateurs Joop den Dulk en Frank van der Sluis ( zij vormden een commissie van onderzoek t.a.v. het interne beleid, red.) beviel mij wel. Voorafgaand hadden zij zo'n 70 interviews gehad met leden om deze bestuurscrisis op te lossen. Dat is wel de kracht van de vereniging dat ze bij zichzelf te rade gingen. Met de penningmeester en een nog zittende bestuurslid heb ik ook nog gesproken. Zij hebben een goed advies gegeven aan het nog zittende algemeen bestuur. Uiteindelijk is er besloten dat ik met DSO in zee mocht gaan.

Meer berichten