Foto:

Zoektocht naar restanten Jolly Duck is nog niet voorbij

Zoetermeer - Het is een regenachtige zaterdag, maar zij laten zich niet weerhouden. Een groep van zeven, acht mensen, waaronder enkele jongeren, zoekt in de losgemaakte grond van een weiland op de grens van Zoeterwoude en Zoetermeer. Ze scheppen, wroeten en schrappen met mesjes de grond af tot een diepte van dertig tot veertig centimeter in de veengrond. Hier in de Geerpolder maakte een Amerikaanse bommenwerper, de Jolly Duck, ruim 75 jaar geleden een noodlanding. Vlakbij is een gedenkplaats, waar de laatste jaren op 5 mei een krans wordt gelegd. 

Door Jack Luiten

Het doel van de zoekgroep is al jaren hetzelfde: zoveel mogelijk restanten te vinden van het gevechtsvliegtuig, dat was aangeschoten boven Duitsland en te weinig brandstof had om het al bevrijde Antwerpen te bereiken. Het gaat de speurneuzen dit keer om onderdelen, die in de afgelopen jaren niet met een metaaldetector te vinden waren. En het zou ook mooi zijn als ze nog hulzen vinden van beide Engelse Spitfires, die het gestrande vliegtuig daags na de noodlanding in stukken schoten.

De met moderne apparatuur uitgeruste groep staat onder leiding van Maarten Havinga uit Zoetermeer. Hij is in de loop der jaren letterlijk en figuurlijk steeds dichter naar de Jolly Duck toe ‘getrokken’. Een hobby, die begon in 2004 en uitgroeide tot serieus onderzoek. In dat jaar ontmoette hij plaatsgenoot Sylvan Staub, die al veel onderzoek deed naar de oorlogsgeschiedenis van Zoetermeer. De Jolly Duck werd hun gezamenlijke passie. Later hebben ze samen een website gebouwd, waar heel veel is terug te vinden over de Jolly Duck en zijn bemanning.

Landingsgestel
Het moet een daverende klap zijn geweest, waarmee de zware Amerikaanse Liberator B24-H bommenwerper tot stilstand kwam. Het enorme toestel, gewicht rond 23 ton en spanbreedte van 33,5 meter, raakte eerst de toppen van een paar bomen naast de boerderij van Tinus Janson. Bij de eerste aanraking met de grond brak het linker landingsgestel af. Vervolgens werd het weiland, als ware het een korte landingsbaan, door het vliegtuig omgeploegd. Met de neus van het toestel en schutterskoepel tegen de kant van het landweggetje kwam precies op deze plek een einde aan missie 241, fieldorder 608. Het is donderdag 22 februari 1945 rond 15.15 uur.

Na de noodlanding van de Liberator B-24 H werd het even doodstil. Dit duurde niet lang, want al rap laten de eerste bemanningsleden zich door de opengescheurde romp naar buiten zakken, precies boven het nog steeds bestaande slootje. Alle negen brengen zij het er levend van af. Dat mag een wonder heten, want meerderen van hen werden bij de bepaald niet zachtzinnige landing letterlijk door het toestel geslingerd. Ze verspreidden zich toen snel in groepjes om niet in handen te vallen van de bezetter. Niets wees er op, dat zich juist op deze plek enkele dagen later alsnog een oorlogsdrama zou voltrekken.

Het staat allemaal beschreven in het boekje ‘Missing in Action’ van het Historisch Genootschap Oud Soetermeer. In het boek ‘De dag dat het Manna viel’ wordt eveneens op de noodlanding ingegaan en vooral op het verhaal van zijluikschutter John McCormick, die in het Zoetermeerse verzet belandde. Hij was de enige van de crew, die slachtoffer werd van het oorlogsgeweld: vlak voor het einde van de oorlog kwam hij om het leven bij een vuurgevecht in Zevenhuizen.

Beschieting
De noodlanding betekende het einde van een missie en tevens het begin van een zoektocht, die tot op de dag van vandaag voortduurt. De dijk en het weiland naast de nieuwe boerderij van Jan Groenewegen liggen er nog precies hetzelfde bij als driekwart eeuw geleden. De sporen van de landing in de grond en de latere beschieting door de Engelse Spitfire’s zijn daar nog altijd terug te vinden. De bovenlaag van het weiland is 3 oktober 2020 andermaal omgeploegd, maar nu om restanten te vinden van de Jolly Duck. De gehavende bommenwerper is toentertijd in stukken afgevoerd, maar er bleef relatief veel achter in de grond en in de vlakbij gelegen trekvaart.

Havinga vertelt dat hun speurtocht al jaren aan de gang is, met wisselende intensiteit: ,,Dit jaar zijn we al vijf keer aan het zoeken geweest, waarvan drie keer in het water van de tocht. Maar we hebben ook wel eens een jaartje overgeslagen.” Alles gebeurt overigens in goed overleg met Groenewegen, die in de loop der jaren ook meer en meer geïnteresseerd is geraakt in de Jolly Duck. Havinga: ,,In zestien jaar zijn er honderden kleine en grotere onderdelen gevonden van het toestel. Zo hebben de laatste opgravingen onder meer de fish hook-antenne en een suitheater van een van de bemanningsleden opgeleverd.”

De zoektocht op 3 oktober jl. leverde meer op dan verwacht. Havinga somt op: accuonderdelen van bakeliet, een loden accupool met een stempel van de productiedatum (maart 1944), stukjes van groen gekleurde buik-navigatielichten,  fragmenten plexiglas van de onderkant van de neus en enkele 50-kaliber kogelpunten, afkomstig van de Spitfires. Trots toont hij verder een zwart-bakeliet onderkant van een vacuümbuis van een der boordradio’s. ,,Die bakelietstukjes kun je met een metaaldetector niet vinden.”

Mooie vondsten
De zoektocht zal nog jaren doorgaan. ,,Zodra er nieuwe aanwijzingen zijn of er is nieuw zoekmateriaal aangeschaft, maak ik een plan van aanpak. Vervolgens gaan we met een vaste groep vrijwilligers het land op of het water in. Het is iedere keer weer een verrassing wat we vinden. Op 18 oktober jl. zijn we weer geweest. Ook op die dag hebben we weer waardevolle vondsten gedaan, zoals een condensator in een omhulsel van bakeliet met informatie erop over de fabrikant en voltages”, zegt Havinga niet zonder trots.

Voorts laat hij nog een andere mooie vondst zien, te weten een huls van een lichtkogel. ,,Dit is de tweede die we hebben gevonden. Het is een bewijs van de verklaringen van ooggetuigen, die hebben gezien dat er groene lichtkogels uit het toestel werden geschoten.” Verder zijn er weer meerdere accu-delen gevonden met daarin de serienummers.
Een van de vrijwilligers is onlangs met een metaaldetector opnieuw gaan speuren naar hulzen van de Spitfire’s die de Jolly Duck op 26 februari 1945 in brand schoten. Die zoektocht leverde twaalf 20 mm hulzen en elf .50 kaliber hulzen op. Er komen dus steeds meer onderdelen en materiaal beschikbaar, die worden opgeborgen in Maartens tuinhuis.

Er zijn uiteenlopende verhalen over de noodlanding , vertelt de Zoetermeerder. ,,Mede dankzij onze zoektochten ter plaatse en aanvullend onderzoek kunnen er zaken worden bewezen, maar ook ontkracht. Alle vondsten worden zorgvuldig schoongemaakt, gedetermineerd, gefotografeerd en opgeborgen. De onderdelen worden gebruikt voor onder meer educatie en tentoonstellingen en ook als vergelijkingsmateriaal bij andere onderzoeken naar de B24 Liberator over de hele wereld.”

Nabestaanden
Bijzonder is het nauwe contact, dat Havinga onderhoudt met enkele nabestaanden van de bemanning. ,,Ik heb al enkele keren de eer gehad om familieleden rond te mogen leiden bij de landingsplek. Dit begon met een nicht van boordschutter John Lingle, met wie ik al enig tijd correspondeerde via de mail. Ze ging een reis door Europa maken en informeerde bij mij, hoe ze de plek kon vinden, waar het vliegtuig in Nederland terecht was gekomen. Ik heb haar toen op die plek rondgeleid. Uiteraard heeft ze toen ook de vondsten gezien, die we tot dan toe hadden verzameld. Vorig jaar is zij speciaal overgekomen uit Amerika om een speciale tentoonstelling over de Jolly Duck bij het Historisch Genootschap Oud Soetermeer te openen.”

Van het een kwam het ander. Via de nicht kwam Havinga in contact met een dochter van bemanningslid John Lingle. Van haar kreeg hij enkele persoonlijke bezittingen, die John achterliet op de basis in Engeland. Enkele maanden later kreeg hij bezoek van de dochter van co-piloot Ralph Casstevens. Ze maakte speciaal met dit doel de reis uit Amerika. Met haar gezin kreeg ook zij van Havinga tekst en uitleg over de noodlanding, het lot van de bemanning en de restanten die gevonden zijn. Met een toelichting in De Geer, waar de bommenwerper uit de lucht viel.

Van buren van staartschutter Elmer Duerr tot aan achterneefjes van de John Lingle, ze hebben allemaal intussen een bezoek gebracht aan plek van de noodlanding op de grens van Zoeterwoude en Zoetermeer. ,,Het hoort bij mijn passie”, zegt Havinga. Via een Facebook-groep is er veel en nauw contact ontstaan met verschillende familieleden van de bemanning. Ze leveren veel informatie en foto’s van de crew en ik hoop nog velen van hen te kunnen rondleiden op de plek waar hun geliefde familieleden als een waar mirakel met de schrik vrijkwamen.

Respect
Door de website www.jollyduck.com kunnen belangstellenden veel te weten komen over de laatste vlucht van Jolly Duck. De site is wat gedateerd, nadat Sylvan drie jaar geleden plotseling overleed. Uit piëteit en respect voor Sylvan heeft Maarten besloten om de site ongewijzigd te houden. ,,Die site blijft zoals die was. Het was zijn persoonlijke werkstuk en trots en is nu een soort eerbetoon aan hem. De FaceBook-groep is daarentegen wel volledig up to date, compleet met de nieuwste vondsten en laatste onderzoekresultaten. Ook zitten in de groep (FaceBook: B-24 jolly duck) meerdere familieleden van de bemanning.

De vlucht van de Jolly Duck stopte een paar maanden voor de bevrijding van Nederland. Wat Havinga betreft is de zoektocht nog lang niet afgelopen. Het verhaal over de Jolly Duck en zijn bemanning duurt voort.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden